Een handelaar past het 6% btw-tarief toe op onder meer zonnebrandoliën en fluorhoudende tandpasta’s. Hij meent dat deze producten kunnen worden aangemerkt als geneesmiddelen door hun aandieningswijze. Terecht, oordeelt de Hoge Raad in tegenstelling tot rechtbank en hof. Het aandieningscriterium moet ruim worden uitgelegd. Hieraan wordt voldaan als op het product expliciet wordt aangegeven dat het een therapeutische of profylactische werking heeft. De consument zal deze vermeldingen zo interpreteren dat deze middelen bescherming bieden en verbranding (zonnebrandolie) en gaatjes (tandpasta) voorkomen. Zonnebrandoliën en tandpasta’s zijn daarom geneesmiddelen.

Een product kan een geneesmiddel zijn op grond van de aandiening (het aandienings- of presentatiecriterium) of op grond van zijn werking (het toedieningscriterium). Een product voldoet aan het aandieningscriterium als het een therapeutische werking claimt te hebben tegen ziekten of gebrek, wond of pijn, of doordat de presentatiewijze die indruk wekt bij de gemiddelde consument. Dit blijkt uit de gebruikte teksten, verpakkingen en de uitstraling van de producten. Aan dit criterium voldoen de genoemde producten, aldus de Hoge Raad.

Een product voldoet aan het toedieningscriterium als de farmacologische werking ervan is vastgesteld en het product daadwerkelijk is bestemd om een medische diagnose te stellen of om fysiologische functies te herstellen, te verbeteren of te wijzigen.

De Hoge Raad oordeelde in 2001 al dat mentholpoeder aan dit criterium voldoet. De handelaar in kwestie slaagt erin om de Hoge Raad ervan te overtuigen dat zijn producten gelijksoortig zijn aan dit product.

Rumoer rond begrip geneesmiddel
Vorig jaar werd in het wetsvoorstel ‘Overige fiscale maatregelen 2016’ de definitie van het begrip geneesmiddel beperkt. Volgens de nieuwe bepaling zou het 6%-tarief dan alleen nog van toepassing zijn op middelen waarvoor op grond van de geneesmiddelenwet een handelsvergunning is afgegeven. Deze beperking van het begrip geneesmiddel zou tot minder discussies moeten leiden over welke middelen onder het verlaagd tarief vallen. Tijdens de parlementaire behandeling stelde de staatssecretaris echter vast dat er ook middelen zijn die de handelsvergunning niet hebben, maar waarop tot nu toe wel steeds het 6%-tarief mocht worden toegepast. Hij heeft toen de voorgestelde beperking van het begrip geneesmiddel ingetrokken.

Het betreft hier producten zoals mentholpoeder en medicinale shampoo tegen hoofdluis. Dat geldt nu ook voor zonnebrandoliën en tandpasta’s, mits aan het aandieningscriterium wordt voldaan. Die producten kunnen nu een stuk goedkoper worden.